dinsdag 12 augustus 2014

Veenbessen


Tuin Villa Royale (foto MDB)
‘J’ai entendu ce boum,’ zegt Krantenman wanneer we het hebben over het onweer.
Ik vertel hem dat het wolkenspel een ongelooflijk tafereel opleverde en dat de donkere wolkenmassa na afloop in de richting van het kleine stadje Spa dreef.
‘Normalement les nuages vont par là,’ toont Krantenman. ‘Dans la direction de l’Allemagne,’ voegt hij er nog aan toe. Dan zijn wij er vanaf hoor je hem denken.
‘Maintenant c’est le temps des airelles,’ vertelt hij. ‘On les trouve là haut, sur la fagne. Mais pas tout en haut. Là le climat est trop dur et c’est trop humide.’
Krantenman kent ondertussen mijn voorliefde voor de Ardense hoogten. Hij geeft zelfs de exacte plaats aan waar we de rode veenbessen kunnen plukken.
‘Tout près de l’aérodrome,’ wijst hij aan.
Ik ken de plek goed. Het is daar waar de paysagiste René Toussaint tijdens de oorlog met een wit linnen doek rondliep en hij ternauwernood aan het mitrailleurvuur van een Duits toestel is ontsnapt. De vliegeniers dachten dat de schilder die enkel naar de natuur werkte, met het witte doek geheime signalen wou uitzenden.
Krantenman vertrouwt mij toe dat hij als kind met vrienden myrtilles of blauwe bosbessen en de rode veenbessen ging plukken om te verkopen aan de restaurants.
Vorige week verscheen voor het eerst een vrouw naast hem in zijn benepen krantengalerij.
‘C’était votre femme?’ vraag ik hem. ‘Elle est de couleur foncée,’ voeg ik er nog aan toe.
‘Ah oui, elle est marocaine,’ antwoordt hij, ‘j’ai vécu dix ans au Maroc.’




Marie-Henriette

Galerij Villa Royale (foto MDB)

Wat een fraai in leder ingebonden boek kon ik inkijken. Het boek bevindt zich in het Fonds Body. Chantal, die de schenking aan de Musées de la Ville d’eaux beheert, toont mij het exemplaar.
‘Chaque année la liste des visiteurs était imprimée,’ zegt zij.
Het dunne boekje bevat de lijst van de bezoekers aan het kuuroord in het jaar 1751.
Wie in Spa kuurde was zonder twijfel fier op zijn aanwezigheid. Van in de zestiende eeuw kwam een keur aan dichters, filosofen en musici naast koningen en hertogen naar hier. Hun namen staan te lezen op de Fontaine Monumentale, een reusachtige fontein die het uitzicht heeft van een waterval.
Ik lees de namen van Montesquieu, Descartes, Grimm maar ook die van de hertog van Sachsen. Zou hiermee Carl August bedoeld zijn? Hertog van Sachsen-Weimar en beschermheer van Goethe? Deze laatste heeft in Spa geen voet gezet. Anders zou de grote Duitse dichter wel op de lijst van de fontein zijn vermeld. Of hij zou zijn afgebeeld op ‘Le livre d’or’, een monumentaal schilderwerk van Antoine Fontaine uit 1894.
Tegen een arcadische achtergrond stelt de schilder een honderdtal illustere figuren voor die de bronnen van Spa bezochten. Gaande van Alexandre Dumas of de musicus Meyerbeer tot tsaar Peter de Grote. Naar hem is de Pouhon Pierre le Grand genoemd. De bron die centraal staat in het stadje Spa en waar het schilderij zich in de wintertuin bevindt.
Net als in de Fontaine Monumentale staat in het schilderij de beeltenis centraal van koningin Marie-Henriette, de echtgenote van koning Leopold II. Zij verbleef hier in de Villa Royale waar nu het belangrijkste onderdeel van de Musées de la Ville d’eaux is gehuisvest.
Naar haar is ook een bron genoemd. Alsof les Spadois medelijden hadden met de koningin die zo ver verwijderd van het centrum van het politieke leven door haar echtgenoot koning Leopold II hier in Spa was gedumpt.

maandag 11 augustus 2014

Bergrivier

Montagnes du Sud (foto MDB)

Daarnet een hevige regenbui. Donder en bliksem. De donder sloeg zo hard in dat ineens alle elektriciteit in onze caravan uitviel.
Donkere wolkenmassa’s pakken zich samen boven het dal. Samen met de vuurgloed van de ondergaande zon lijkt dit wel het inferno.
‘In onze caravan zitten we veilig,’ zegt Nomade, ‘zij werkt als de kooi van  Faraday.’
Toch vraag ik mij af of dit wel zo is.
‘Een auto staat op rubberen wielen,’ opper ik, ‘en onze caravan rust op vier metalen poten.’
De lucht boven onze heuvel is ondertussen uitgeklaard tot een helder blauw. Maar diep in het dal wordt de wolkenmassa dichter en dreigender. Boven de wolken stijgt voorzichtig de rode gloed uit van het avondlicht.
Wat is de natuur hier prachtig! De beek achter onze camping verandert opnieuw in een woeste bergrivier. Wanneer het water in de bergbeek hevig tekeer gaat, vormt zij tegen de oevers een wit schuim. Alsof de natuur haar kwaadheid wil tonen. De bedding van de beek kleurt rood van de ijzerhoudende ondergrond.
De eerste tekenen van de herfst. Paddenstoelen in allerlei kleuren schieten uit de grond. Hoe heviger de kleuren hoe giftiger de paddenstoelen zijn, heb ik altijd geleerd.
De wolken hebben zich boven het kleine stadje Spa samengetrokken. Wat een prachtig gezicht hier van boven op onze heuvel. De donkerste wolken verheffen zich als een tornado. Waarachter de rode avondgloed de horizon in vuur en vlam zet. De tornado verheft zich langzaam maar zeker en drijft in de richting van het dal achter ons. Nu tekent zich aan de horizon een paarse gloed af. Berg en dal zijn voorlopig aan de Apocalyps ontsnapt.
Enkele dagen geleden kruiste een rode eekhoorn mijn pad. Nog even een avondwandeling met Luna maken voor de wind de wolken weer onze richting uitdrijven en het hier opnieuw losbarst.



zaterdag 9 augustus 2014

Senghor

Compagnie Les Petits Délices (foto MDB)

Straattheater. Een jonge vrouw voert een poëtisch spektakel op.  Zij doet daarbij een beroep op de toeschouwers. Een man uit het publiek moet haar helpen om met een miniatuurauto een vis die in haar theepot is beland terug te brengen naar de oceaan. Het stuk heet Maritime.
Volgen nog twee onderwaterpiloten op vreemde brommertjes en een persiflagestuk met een prins, de duivel zelve en een prinses gespeeld door een mannelijke acteur.
‘Laten we naar de schilderijententoonstelling gaan, Johan,’ zegt Nomade.
Zij wil mij ervan overtuigen dat het werk dat ik op de brocantemarkt heb gekocht niet zo uniek is als ik heb gedacht.
‘Ik moet dringend plassen,’ zeg ik en ga al voorop richting het casino. Op het eerste gezicht lijken de deuren echter gesloten. Ik kijk wanhopig rond, denk eensklaps aan de bibliotheek en ren er naar binnen.
Terug uit het toilet doe ik alsof ik gekomen ben voor de collectie en kijk rond. Net achter de hoek van de toiletdeur bevindt zich de afdeling poëzie.
Daar stuit ik op het werk van Léopold Senghor. Dichter en de eerste president van Senegal. Ik blader door zijn gedichten. Wat een schoonheid stralen die uit! Senghor heeft het over een brief van zijn geliefde. En alle warme gevoelens die de brief oproept.
Ik weet nog dat onze professor in de Negro-Afrikaanse literatuur een grote fan was van Senghor. Hij gaf les in een oud herenhuis voor slechts enkele studenten. De professor had in Congo de taal en literatuur van een van de vele Afrikaanse culturen bestudeerd. Nog jaren later lachte hij vriendelijk wanneer hij ons op straat tegenkwam. Waarbij hij zijn hoed afnam.
Veel tijd om te mijmeren of om in het werk van Senghor te lezen kreeg ik echter niet. Alras kwam de bibliothecaresse aanzetten. Zij vertelde dat de bibliotheek zou sluiten. En dat ik toch niet graag tot maandag zou opgesloten blijven.

vrijdag 8 augustus 2014

Sainte-Colombe

Detail fontein Casino (foto MDB)

Les rencontres of de ontmoetingen in de namiddag met de acteurs en de auteurs van het theaterfestival van Spa. Ze beginnen een vaste gewoonte te worden. De spelers en schrijvers worden ondervraagd door Cécile Van Snick. Zij is actrice en heeft een radiostem die je doet denken aan de stemmen op de RTBF. Daarna zijn er drie soorten taart: met abrikozen, een soort gevulde rijsttaart en suikertaart.
Vandaag kwamen spelers en auteur van ‘Métallos et dégraisseurs’ aan bod. Het stuk gaat over de teloorgang van het staalbedrijf in Sainte-Colombe sur Seine.
Maar liefst zeven generaties staalarbeiders leefden er in een relatieve harmonie met de fabriek. Die overigens op de scène als een monotoon geluid voortbrengend en sprekend personage wordt voorgesteld. Elke generatie verbeterden de leefomstandigheden van de arbeiders. Waarvan velen lid waren van de communistische vakbond CGT.
Het is een soort paternalisme dat vaak ter discussie werd gesteld. Maar waarbij de fabriek een gezicht had. Vandaag leven we in een aandeelhouderskapitalisme waar de band tussen arbeiders en fabriek niet of nauwelijks nog bestaat.
Een van de spelers, de zoon van een metaalarbeider, heeft de mensen van Sainte-Colombe bevraagd. Uit al die getuigenissen, zoals over de sportvereniging, de onderwijzer, enzovoort, is het stuk gegroeid. Toen het theatergezelschap het spektakel in Sainte-Colombe zelf opvoerde, kregen de mensen er de tranen in de ogen. Nu ze hun fabriek zagen teloorgaan, had hun leven toch nog zin gehad. Voordien bestond hun zingeving erin om hun kinderen de fabriek binnen te loodsen. En ervoor te zorgen dat zij betere loonvoorwaarden en levensomstandigheden hadden dan zijzelf. Nu zagen zij dat zij deel uitmaakten van een groter geheel. Van de geschiedenis.
Het is het soort kunst waar de makers echt in geloven. En waarvan zij vinden dat zij moet worden gemaakt.